IN STRIJD MET DE KLOK

Al vroeg leerde mijn moeder me om altijd op tijd te komen bij een afspraak. “Beter tien minuten te vroeg dan twee minuten te laat”, zei ze dan. Toen ik in het dieptepunt van mijn eetstoornis zat, was de tijd het enige waar ik me nog aan vast kon houden. Ik had er controle over. Dacht ik.

Tijd kun je niet controleren. Tijd is waardevol en moet je niet met een korreltje zout nemen. Ik dacht dat als ik minimaal een uur over mijn ontbijt zou doen, ik de lunch langer kon uitstellen en tussendoor niets meer hoefde te eten. Ik heb immers net ontbeten dus hoef over een paar uur pas weer iets te nemen. Op een gegeven moment was ik zo’n 5 á 6 uur per dag aan het eten. Uren die ik aan belangrijke dingen had kunnen besteden, zoals aan familie en vrienden. Nee, mijn hele dag draaide om de tijden van mijn eetmomenten. Wilde een vriendin iets afspreken? Dan kon dat alleen in het kleine uurtje tussen mijn maaltijden door en sprak ik vooraf niet alleen af hoe laat ze zou langskomen maar ook meteen hoe laat ze weer naar huis zou gaan.

‘De tijd’
Een veel genoemd begrip tijdens mijn eetstoornis. Op het moment dat mijn dwanggedachten de overhand namen, werd het er niet beter op. De tijd werd zó belangrijk dat ik zelfs alleen op bepaalde getallen op de klok een hap van mijn maaltijd mocht nemen. Week ik daarvan af, dan was het oorlog in mijn hoofd. Chaos. Ik weet nog dat dit alles begon op het moment dat ik na mijn eerste ziekenhuisopname weer moest gaan eten. Ik kreeg enorme honger en probeerde door tijd te rekken met mijn maaltijden die honger op te schuiven om er vervolgens niet aan toe te hoeven geven. Maar ook het invullen van tijd was een reden waarom ik zo lang over mijn maaltijden deed. Ik mocht ten slotte niet naar school of werk vanwege mijn slechte lichamelijke conditie, en had geen concentratie om me ergens anders toe te zetten.
Mijn therapeute vertelde me eens dat ik pas de tweede cliënt was waarbij ze dit zag. Ik schaamde me, maar voelde me tegelijkertijd ook trots. Want ik was een van de weinigen die dit deed dus op een zieke manier voelde ik me hierdoor toch speciaal.

Op den duur begon het me steeds meer in de weg te zitten. Ik kwam aan in gewicht en kreeg weer energie om dingen te ondernemen. Dat verliep natuurlijk niet zo soepel, aangezien ik mezelf vastbond aan de tijd. Te strak, geen beweging in te krijgen. Mijn therapeute gaf me talloze opdrachten en ik heb eindeloos geoefend, maar het lukte me niet, hoe graag ik ook wilde. “Je moet op een punt komen dat je het helemaal zat bent”, zei ze. En dat punt kwam er. Ik ging op mezelf wonen, begon aan een nieuwe studie (stopte daar ook weer mee, maar dat even terzijde), en kreeg langzaam maar zeker mijn leven terug. Dan is er geen ruimte meer om úren aan eten te besteden, en dat heeft er voor gezorgd dat ik het wat meer kon loslaten. Omdat ik inmiddels al langere tijd een gezond eetpatroon wist te handhaven, had ik ook geen extreme honger meer, en dacht ik er niet meer constant aan. Een hele bevrijding, dat kun je je wel voorstellen.

Toch kan ik de tijd nog altijd heel erg onderschatten. Dan sta ik bijvoorbeeld veel te vroeg op omdat ik bang ben het anders niet te redden met wat ik allemaal moet (lees wil) doen voordat ik naar een afspraak ga. Dat is natuurlijk menselijk en daar zal ik zeker niet de enige in zijn, maar soms neemt het nog weleens de overhand. Terwijl ik weet dat ik die tijd helemaal niet nodig heb, en dat extra uurtje slaap wel.

Ik probeer nu vooral te genieten van het hier en nu; de tijd die ik heb. Doen waar ik energie van krijg, maar ook zo nu en dan de tijd nemen om even helemaal niets te hoeven. Dat is meer dan oké.

Volg:

4 Reacties

  1. 10 december 2018 / 11:36

    Herkenbaar! Ik deed soms ook een uur over mijn maaltijd – gedeeltelijk doordat ik simpelweg een langzame eter ben, maar ook door mijn angst om tussen maaltijden door honger te krijgen. Ik kwam dan ook bijna altijd te laat voor afspraken – ik was op het laatste moment nog aan het eten en moest van mezelf daarna altijd mijn tanden poetsen. Ik schaamde me hier erg voor Die angst voor honger heb ik nog steeds, maar ik heb iets meer discipline nu.

    Bedankt voor het delen. X

    • 10 december 2018 / 11:51

      Wat naar om te lezen dat je deze situatie herkent, Nina 🙁 Ik was vroeger, vóór mijn eetstoornis, juist een hele snelle eter waardoor ik inderdaad naar mijn idee weer snel trek kreeg. Dat wilde ik hiermee voorkomen. Ik kwam gelukkig nooit te laat voor afspraken, maar daar stond wel tegenover dat ik úren van tevoren naast mijn bed stond omdat ik rekening hield met de tijd die ik nodig had voor mijn ontbijt. Het tanden poetsen wat je noemt is voor mij ook niet vreemd; ik moest het van mezelf na iedere maaltijd doen om mijn eetstoornis voor de gek te houden dat ik niets had gegeten. Wat goed dat je inmiddels met de angst voor honger om kunt gaan! Feitelijk gezien is het natuurlijk ook niet meer dan een menselijke behoefte waar we aan toe moeten geven om te blijven functioneren. Jij komt er wel! Take care <3

  2. 10 december 2018 / 12:33

    Heel mooi geschreven Peggy, mijn complimenten! Groetjes, Danielle

    • 10 december 2018 / 12:42

      Wat lief dat je even de moeite hebt genomen om te reageren Daniëlle, dankjewel! Zonder jouw peptalk en mooie quote was deze blog nooit online gekomen <3

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *